Menu Sluiten

Integraal Digitaliseringsmodel

Het Integraal Digitaliseringsmodel. De 7 W’s van digitalisering, van waarom tot digitale waardecreatie.

Het Integrale Digitaliseringsmodel biedt een samenhangend en praktisch kader om digitalisering te sturen van bedoeling tot waarde. Door zeven W-vragen te verbinden, (zie tabel onderaan het bericht) helpt het model organisaties om keuzes te maken die bijdragen aan impact, rekening houden met belanghebbenden en leiden tot aantoonbare digitale waardecreatie. Het model maakt digitalisering begrijpelijk, bespreekbaar en bestuurbaar. Niet als technologievraagstuk, maar als organisatievraagstuk.

Aanleiding en doel

Organisaties digitaliseren in een dynamische en steeds complexere context. Maatschappelijke verwachtingen nemen toe, wet- en regelgeving wordt strenger, technologische ontwikkelingen volgen elkaar snel op en de afhankelijkheid van data en informatie groeit. Digitalisering is daarmee onlosmakelijk verbonden geraakt met de manier waarop organisaties functioneren en waarde creëren.

In de praktijk ligt de focus bij digitale initiatieven echter vaak op technologie of efficiency. Hierdoor blijft de samenhang met impact, waarde en besturing onderbelicht. Digitale inspanningen worden dan onvoldoende verbonden met de bedoeling van de organisatie, de belangen van stakeholders en de gewenste resultaten. Dit maakt het lastig om te sturen op samenhang, voortgang en daadwerkelijke waardecreatie.

Het integraal digitaliseringsmodel benadert digitalisering als een organisatievraagstuk en niet als een losstaand IT-vraagstuk. Een model dat helpt om digitale keuzes expliciet te verbinden met o.a. impact, richting, inrichting, uitvoering en resultaten. Het ondersteunt organisaties bij het realiseren van duurzame digitale waarde.

IDM 2.1

De zeven domeinen van het integraal digitaliseringsmodel

1. Nalatenschap

De buitenste ring vertegenwoordigt de nalatenschap, bestaande uit legacy & impact. Dit beschrijft de langetermijnimpact en waarde die de organisatie wil realiseren en nalaten. In de context van digitalisering gaat het om vragen als:

  • Welke maatschappelijke of organisatorische betekenis willen wij creëren?
  • Hoe draagt digitalisering bij aan deze impact?

Bij nalatenschap zetten we digitalisering bewust in als middel om waarde te creëren, niet als doel op zich.

2. Resultaten

Outcome en Output staan voor de resultaten. Dit domein voorkomt dat digitalisering een doel op zich wordt en borgt dat digitale initiatieven aantoonbaar bijdragen aan organisatie- en maatschappelijke resultaten.

Resultaten maken zichtbaar wat de organisatie daadwerkelijk realiseert en welk effect dat heeft. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen:

  • Output: de geleverde producten, diensten en prestaties van de organisatie, waarbij digitalisering bijdraagt als ondersteunend en versterkend middel;
  • Outcome: het effect en de gerealiseerde waarde van deze output voor klanten, burgers, medewerkers, organisatie en samenleving.

Het domein resultaten verbindt digitalisering direct aan gerealiseerde output en outcome.
Hierdoor ontstaat inzicht in de mate waarin digitale initiatieven daadwerkelijk bijdragen aan de gestelde doelen en de beoogde nalatenschap.

Het Resultatendomein vormt daarmee een essentieel toetsings- en stuurpunt binnen het integraal digitaliseringsmodel en voorkomt dat inspanningen blijven steken in activiteiten zonder aantoonbare waarde.

3. Belanghebbenden

Dit domein voorkomt dat digitalisering een eenzijdig technisch of economisch vraagstuk wordt en borgt dat digitale initiatieven expliciet rekening houden met de belangen van alle stakeholders.

Daarom brengen je in dit domein expliciet alle interne en externe belanghebbenden in beeld. Dit zijn partijen die door digitalisering worden geraakt, er invloed op uitoefenen of er waarde aan ontlenen. Hiermee maak je zichtbaar voor wie de organisatie waarde creëert en vanuit welke perspectieven je digitale keuzes maken. Daarbij hanteer je een gebalanceerd waardeperspectief op:

  • People: medewerkers, management, klanten, burgers, ketenpartners en andere gebruikers van digitale diensten;
  • Planet: samenleving, leefomgeving en toekomstige generaties, inclusief duurzaamheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid;
  • Profit: organisatie, aandeelhouders, financiers, toezichthouders en andere partijen met een financieel of economisch belang.

Door stakeholders expliciet te identificeren en hun belangen zichtbaar te maken weeg je bewust en transparant je keuzes qua digitalisering af. Dit borgt draagvlak, legitimiteit en duurzame waardecreatie en voorkomt dat digitalisering losraakt van de mensen en partijen waarvoor zij bedoeld is.

4. Richten

Met dit domein voorkom je versnippering in losse initiatieven en stuur je digitale inspanningen doelgericht, samenhangend en bestuurbaar aan.

Richten bepaalt waar digitalisering op wordt ingezet en welke keuzes daarbij leidend zijn. Het omvat het vaststellen van:

  • doelen en sturing, inclusief prioriteiten en succescriteria;
  • klant- en portfoliokeuzes, waarbij wordt bepaald welke initiatieven wel en niet worden opgepakt;
  • stuurinformatie en innovatie, om voortgang te volgen en tijdig bij te sturen;
  • organisatie en mens, zodat verantwoordelijkheden, competenties en leiderschap aansluiten op de gekozen richting.

Binnen dit domein maak je keuzes expliciet en stem je deze onderling af. Zo creëer je focus en consistentie en zorgen je ervoor dat digitale initiatieven bijdragen aan de beoogde resultaten en de overkoepelende nalatenschap.

5. Inrichten

Met richten voorkom je afhankelijkheid van losse oplossingen of individuele initiatieven en verankeren we digitale ambities structureel en duurzaam in de organisatie.

Inrichten maakt digitalisering mogelijk door het doelgericht vormgeven van samenhangende organisatorische en technische randvoorwaarden.Het omvat onder meer:

  • beleid en organisatie-inrichting, inclusief governance en verantwoordelijkheden;
  • processen en systemen, die de uitvoering ondersteunen en versterken;
  • informatie en gegevens, als basis voor sturen en verantwoorden;
  • privacy en security, om risico’s te beheersen en vertrouwen te waarborgen;
  • cultuur en gedrag, zodat mensen en werkwijzen aansluiten op de digitale koers.

Binnen dit domein stem je keuzes bewust op elkaar af. Hierdoor wordt digitalisering geen verzameling technische oplossingen, maar een integraal onderdeel van de organisatie dat bijdraagt aan consistente, veilige en toekomstbestendige waardecreatie.

6. Verrichten

Het domein verrichten voorkomt dat digitalisering zich los ontwikkelt van gemaakte keuzes en borgt dat de uitvoering in lijn blijft met de gekozen richting en inrichting.

Verrichten richt zich op de operationele uitvoering van digitalisering en laat zien hoe de organisatie werkzaamheden daadwerkelijk uitvoert in het dagelijks functioneren. We beschrijven dit domein met samenhangende modellen, waaronder:

  • het bedrijfsfunctiemodel, waarin verantwoordelijkheden en taken zijn belegd;
  • het procesmodel, beschrijft hoe werkstromen verlopen;
  • het informatiemodel, beschrijft welke informatie je gebruikt en uitwisselt.
  • het applicatiemodel, waarin ondersteunende systemen zijn gepositioneerd;
  • het datamodel, dat de structuur en samenhang van gegevens beschrijft.

Door deze modellen in samenhang te hanteren, wordt digitalisering concreet en uitvoerbaar. Het Verrichten-domein verbindt ontwerp en praktijk en brengt digitale ambities daadwerkelijk tot uitvoering in het dagelijks werk.

7. Richtlijnen

Richtlijnen of principes voorkomen dat digitalisering willekeurig of risicovol plaatsvindt en borgt dat alle digitale initiatieven plaatsvinden binnen vastgestelde, expliciete en gedeelde kaders.

Principes vormen de randvoorwaarden waarbinnen digitalisering plaatsvindt en geven richting aan ontwerp- en uitvoeringskeuzes. Ze omvatten onder meer:

  • wet- en regelgeving, inclusief toezicht- en compliance-eisen;
  • business- en inrichtingsprincipes, die samenhang en consistentie in organisatie en werkwijze borgen;
  • informatie-, data-, applicatie- en technologische principes, die richting geven aan het gebruik en de ontwikkeling van digitale middelen.

Door principes expliciet vast te leggen en consequent toe te passen, sturen we op consistente keuzes, beheersen we risico’s en zorgen we ervoor dat digitalisering toekomstbestendig, uitlegbaar en verantwoord blijft.

Samenhang en besturing

De kracht van het integraal digitaliseringsmodel ligt niet in de afzonderlijke domeinen, maar in de samenhang daartussen. Digitalisering wordt pas bestuurbaar wanneer duidelijk is hoe impact, keuzes en uitvoering elkaar wederzijds beïnvloeden en versterken.

Het vertrekpunt van het model is de nalatenschap: de impact en waarde die de organisatie wil realiseren. Deze langetermijnbedoeling geeft richting aan alles wat volgt. Vanuit deze nalatenschap worden de beoogde resultaten bepaald en expliciet gemaakt voor de belanghebbenden voor wie de organisatie waarde creëert. Daarmee ontstaat een gedeeld begrip van wat digitalisering moet opleveren en voor wie dit betekenisvol is.

Deze helderheid vormt de basis voor richten. In dit domein maak je keuzes gemaakt over doelen, prioriteiten en focus. Richten voorkomt dat digitalisering versnipperd raakt en zorgt ervoor dat initiatieven bijdragen aan de beoogde resultaten. De gekozen richting vertaal je vervolgens naar het inrichten. Dit is het vormgeven van organisatie, processen, informatie en randvoorwaarden die nodig zijn om de digitale ambities waar te maken.

Pas daarna komt verrichten in beeld. Hier wordt digitalisering concreet in het dagelijks functioneren van de organisatie. De inrichting krijgt vorm in functies, processen, informatie, applicaties en data. Verrichten laat zien of de gemaakte keuzes daadwerkelijk uitvoerbaar zijn en of zij leiden tot de gewenste resultaten.

Gedurende dit gehele proces vormen principes de bindende kaders. Zij zorgen ervoor dat keuzes en uitvoering plaatsvinden binnen wettelijke, organisatorische, informatie en technologische grenzen en borgen consistentie, compliance en toekomstbestendigheid.

Besturing binnen dit model is geen lineair proces, maar een cyclische beweging. Inzichten uit de gerealiseerde resultaten leiden tot reflectie en bijstelling van richting en inrichting. Zo ontstaat een continu leer- en sturingsmechanisme waarin digitalisering niet wordt gedreven door technologie, maar door samenhangende keuzes, verantwoord handelen en aantoonbare waardecreatie.

De kracht van het Integraal Digitaliseringsmodel zit in de samenhang:

  • Digitalisering start bij nalatenschap en impact;
  • Resultaten maken waarde voor belanghebbenden zichtbaar;
  • Richten en inrichten sturen keuzes en realisatie;
  • Verrichten operationaliseert digitalisering;
  • Principes borgen kaders en samenhang.

Het model ondersteunt cyclische sturing: inzichten uit resultaten leiden tot bijstelling van richting en inrichting.

Toepassing in de praktijk

Het integraal digitaliseringsmodel is bedoeld als een praktisch besturingsinstrument dat organisaties helpt om digitalisering samenhangend en doelgericht toe te passen. Het model is niet voorschrijvend in de zin van concrete oplossingen, maar biedt een gemeenschappelijk denkkader dat richting geeft aan besluitvorming, uitvoering en evaluatie.

In de praktijk kan het model gebruikt worden als gespreks- en reflectiekader. Bestuurders en managementteams gebruiken het om te onderzoeken of digitale initiatieven daadwerkelijk bijdragen aan de beoogde nalatenschap en resultaten. Door de vragen WHY, WHO, WHAT, HOW, WITH WHAT en WITHIN WHAT expliciet te doorlopen, ontstaat helderheid over keuzes, prioriteiten en onderlinge afhankelijkheden.

Bij de sturing van portfolio’s en programma’s helpt het model om samenhang aan te brengen tussen initiatieven. Digitale projecten worden niet langer afzonderlijk beoordeeld, maar in relatie tot de gekozen richting, de belangen van stakeholders en de beschikbare inrichting en uitvoeringsmiddelen. Dit voorkomt versnippering en maakt investeringsbeslissingen beter onderbouwd.

Ook in de dagelijkse organisatie biedt het model houvast. Teams gebruiken het als referentie om te begrijpen hoe hun werk bijdraagt aan bredere organisatiedoelen. Architecten en specialisten benutten het model om te zorgen dat ontwerpkeuzes aansluiten bij bestuurlijke intenties en vastgestelde principes.

Het model ondersteunt daarnaast een lerende manier van werken. Door gerealiseerde resultaten structureel terug te koppelen naar richting en inrichting, ontstaat een continue cyclus van bijsturen en verbeteren. Digitalisering wordt daarmee geen eenmalig traject, maar een doorlopend proces van waardecreatie en verantwoorde vernieuwing.

In uiteenlopende contexten — zowel publiek als privaat — blijkt het integraal digitaliseringsmodel vooral effectief waar organisaties behoefte hebben aan overzicht, samenhang en bestuurbaarheid. Het biedt houvast zonder te verstarren en maakt digitalisering bespreekbaar op alle niveaus van de organisatie.

Het model kan worden toegepast als:

  • kader voor digitale strategie en roadmap;
  • governance-instrument voor portfoliosturing;
  • referentiemodel voor enterprise-architectuur;
  • leidraad voor digitale transformatie en verandering.

Het is schaalbaar en toepasbaar in zowel publieke als private organisaties.

Conclusie

Digitalisering is geen op zichzelf staand vraagstuk en al zeker geen technisch probleem dat kan worden opgelost met nieuwe systemen of tools. Het is een organisatiebrede opgave die vraagt om samenhangende keuzes, duidelijke sturing en bewuste uitvoering.

Het integraal digitaliseringsmodel laat zien dat digitale waarde pas ontstaat wanneer nalatenschap, resultaten, belanghebbenden, richting, inrichting en verrichting met elkaar in verbinding staan en worden begrensd door heldere principes.

De kracht van het model zit in het expliciet maken van wat vaak impliciet blijft. Het dwingt organisaties om stil te staan bij hun bedoeling en keuzes te maken. Daarmee voorkomt het dat digitalisering verwordt tot een verzameling losse initiatieven of technologische experimenten zonder samenhang.

Bovendien ondersteunt het model een lerende manier van werken. Door resultaten structureel terug te koppelen naar richting en inrichting, ontstaat een continue cyclus van reflectie en bijsturing. Digitalisering wordt daarmee geen eenmalig veranderprogramma, maar een doorlopend proces van waardecreatie en verantwoorde vernieuwing.

Het integraal digitaliseringsmodel biedt houvast in een steeds complexer digitaal landschap. Niet door alles vast te leggen, maar door duidelijk te maken waarom we digitaliseren, voor wie we dat doen, wat we willen bereiken en hoe we dit organiseren en uitvoeren. Dit binnen kaders die consistentie en toekomstbestendigheid borgen.

Digitalisering creëert pas waarde wanneer nalatenschap, resultaten, sturing en uitvoering integraal zijn verbonden binnen heldere principes.

De Zeven W Vragen

Praatplaat IDM
7 W vragenBestuurlijke vraagDomeinWanneer
WaaromWaarom doen we dit?NalatenschapMeerjarig / Periodiek
Wie (voor wie)Voor wie creëren we waarde?BelanghebbendenBij beleidsvorming / Evaluaties
WatWat willen we bereiken?RichtenJaarlijks / Kwartaal
Welke wijze (Hoe)Hoe organiseren we dit?InrichtenBij veranderingen / Transities
WaarmeeWaarmee voeren we het uit?VerrichtenContinu / Iteratief
Wat levert het opWat is de gerealiseerde waarde?ResultatenPeriodiek meten & evalueren
WaarbinnenBinnen welke kaders?PrincipesBij wijzigingen wetgeving / periodiek

Wanneer beschrijft het tijdsperspectief waarbinnen keuzes worden gemaakt, uitvoering plaatsvindt en resultaten worden geëvalueerd. Het vormt een doorlopende tijdsdimensie over alle domeinen van het model. Door het juiste tempo en ritme te bepalen, zorgt “wanneer” voor samenhang tussen strategie, uitvoering en evaluatie. Wanneer verbindt de verschillende domeinen in een cyclisch besturingsritme en maakt digitalisering planbaar, voorspelbaar en bestuurbaar.

Je las het bericht: Het Integraal Digitaliseringsmodel. Vond je dit bericht waardevol? Geef een duimpje hieronder!